archive-be.com » BE » C » CBIP-VET.BE

Total: 577

Choose link from "Titles, links and description words view":

Or switch to "Titles and links view".
  • Folia vet 2010 nr 2 (a)
    het gemuteerde allel Ook in een Franse studie uit 2004 n 25 lagen de percentages van de dragers van normale en gemuteerde allelen kort bij elkaar 20 homozygoot normaal 32 heterozygoten en 48 homozygoot gemuteerd Uit deze cijfers blijkt dat ongeveer 80 van de Collies drager zijn van minstens één gemuteerd allel Rassen Het gemuteerde mdr1 gen komt niet uitsluitend voor bij Collies maar werd ook aangetoond bij heel wat andere herdershonden en windhonden zie tabel 2 De frequentie van het gemuteerde gen is naargelang het ras verschillend minder dan 4 bij de Bobtail tot meer dan 40 bij de Langharige Whippet maar kan verschillen naargelang de geografische oorsprong van het dier De frequentie van het gemuteerde allel bij de Australische herder in de Verenigde Staten n 178 honden is 16 6 maar in Australië n 17 is deze frequentie 64 Dit geldt ook voor de Shetland Sheepdog In de Verenigde Staten n 190 is de frequentie van het gemuteerde allel 8 4 terwijl dit in Australië 43 n 7 is Tot nu toe is in België slechts één studie gekend waarin een beperkt aantal honden n 92 van verschillende rassen waarvan bekend is dat ze de mutatie kunnen dragen werden onderzocht op het dragerschap van het gemuteerde gen In deze studie werd de deletiemutatie gevonden bij de Australische Herder Collie Shetland Sheepdog en Zwitserse Witte Herder maar niet bij Bearded Collies Border Collies en Duitse Herders Stoffen Zoals eerder gezegd bezit P gp een grote substraatspecificiteit voor onder meer ivermectine Naast ivermectine zijn ook andere macrocyclische lactones zoals moxidectine of milbemycine verantwoordelijk voor neurotoxische symptomen bij honden die drager zijn van het gemuteerde mdr 1 gen Selamectine wordt beter getolereerd maar voorzichtigheid is ook hier geboden bij het toedienen van deze stof aan gevoelige rassen Andere stoffen die tot andere farmacotherapeutische groepen behoren zijn eveneens substraat voor het proteïne en kunnen dus eveneens leiden tot toxische verschijnselen Dit is bijvoorbeeld het geval voor loperamide Imodium dat soms in de diergeneeskunde gebruikt wordt tegen diarree Toediening van de voor honden aangewezen dosis 0 2 mg kg loperamide aan honden homozygoot voor het gemuteerde allel leidt tot ernstige neurologische symptomen Toediening van acepromazine 0 4 mg kg en butorphanol 0 05 mg kg aan deze honden leidt tot een diepere en langdurigere depressie van het centraal zenuwstelsel Recent werd eveneens digoxine intoxicatie vastgesteld bij een Collie homozygoot voor het gemuteerde allel Na toediening van een lage 60 van de normaal aanbevolen dagdosis vertoonde deze hond intoxicatiesymptomen anorexie braken cardiotoxiciteit en sterk verhoogde plasmaspiegels voor digoxine Bij deze Collie zorgde de afwezigheid van P gp voor een verhoogde biologische beschikbaarheid van digoxine en een verlaagde intestinale en of renale uitscheiding Besluit Het onbreken van P gp bij honden die drager zijn van een mutatie van het mdr 1 gen wijzigt de absorptie de distributie de metabolisatie en de excretie van een reeks werkzame stoffen die in de diergeneeskunde regelmatig gebruikt worden Intoxicaties met ivermectine loperamide of digoxine worden in de literatuur vaak

    Original URL path: http://www.cbip-vet.be/nl/nlinfos/nlfolia/10FVN2a.php (2012-06-12)
    Open archived version from archive

  • Folia vet 2010 nr 2 (b)
    of mensen steeds te melden bij het FAGG Risico s op intoxicaties van macrocyclische lactonen bij honden Geneesmiddelen met macrocyclische lactonen die bij paarden runderen en schapen gebruikt worden vormen gezien hun reatief hoge concentratie een risico voor intoxicatie bij honden Deze geneesmiddelen veroorzaken na overdosering bij de hond symptomen zoals depressie pupildilatatie blindheid convulsies coma en sterfte Zoals in een ander artikel in deze uitgave vermeld vormen de collie rassen die drager zijn van een genmutatie een verhoogd risico op bijwerkingen ook bij normale doseringen Deze geneesmiddelen met macrocyclische lactonen voor nutsdieren dienen buiten het bereik van honden te worden bewaard Dit geldt zowel voor de pasta s de injectievloestoffen als de pour ons Ook moet voorkomen worden dat honden met gebruikte spuiten kunnen spelen of dat ze gemorste producten gaan oplikken Bij het afleveren van geneesmiddelen met macrocyclische lactonen voor nutsdieren aan de eigenaars van de dieren kan de dierenarts of apotheker deze op de hoogte brengen van deze waarschuwingen Dierenartsen en apothekers worden aangemoedigd om mogelijke bijwerkingen van geneesmiddelen bij dieren of mensen steeds te melden bij het FAGG Pyrethrinoïden zijn dodelijk voor katten Geneesmiddelen met pyrethrinoïden zoals permethrine en deltamethrine worden met een grote veiligheidsmarge toegediend aan honden voor het voorkomen of behandelen van vlooien en of tekeninfestaties 1 Soms worden ze door de eigenaar van honden die met deze producten worden behandeld argeloos gebruikt om ook de aanwezige katten te behandelen Katten zijn echter zeer gevoelig voor pyrethrinoïden en zouden zelfs bijwerkingen kunnen vertonen wanneer ze nauw contact hebben met pas behandelde honden Dierenartsen en apothekers moeten bij het afleveren van zulke producten de eigenaars van de dieren op de hoogte brengen van mogelijke risico s van het gebruik van deze producten bij katten Zie ook Folia Veterinaria 2003 nr 3 en 2008 nr 2 Dierenartsen en apothekers worden aangemoedigd om mogelijke bijwerkingen van geneesmiddelen bij dieren of mensen steeds te melden bij het FAGG 1 Pyrethrinoïden kunnen eveneens als biocide in de handel worden gebracht voor de behandeling van ectoparasieten bij kleine huisdieren Vanzelfsprekend gelden voor deze producten dezelfde waarschuwingen Oneigenlijk gebruik van ceftiofur in de pluimveesector In de diergeneeskunde is er reeds geruime tijd een toenemende bezorgdheid over het voorkomen van Extended Spectrum Beta Lactamase ESBL dragende bacteriën in voedselproducerende dieren ESBL is een verzamelnaam voor een groep enzymen die door bacteriën worden gemaakt Aanwezigheid van deze enzymen in bacteriën leidt tot een falende werkzaamheid van betalactam antibiotica penicillines en cefalosporines Naast mogelijke productieverliezen te wijten aan therapiefalen bij dieren vormen deze ESBL s in voedselproducerende dieren een risico voor de volksgezondheid Zo worden ondermeer cefalosporines van de 3de en 4de generatie bij mensen met ernstige bacteriële infecties vaak als laatste middel gebruikt tegen multiresistente bacteriën Een terughoudend gebruik van deze antibiotica is daarom vereist Diverse studies in België uitgevoerd 1 2 melden een zorgwekkende toename van de ESBL s in indicatorkiemen van slachtkuikens In het recente onderzoek van Persoons et al 2 werd daarenboven een hoge resistentie tegen ceftiofur opgetekend In Europa

    Original URL path: http://www.cbip-vet.be/nl/nlinfos/nlfolia/10FVN2b.php (2012-06-12)
    Open archived version from archive

  • Folia vet 2010 nr 2 (c)
    oppervlakkige stuwing en bloedingen ter hoogte van de lever en de longen 1 2 Decaro en zijn medewerkers 2 toonden aan dat het verloop van de ziekte varieerde naargelang de leeftijd van de honden De oudere dieren 6 maanden herstelden langzaam in tegenstelling met de jongere honden 2 5 maanden die de ergste klinische tekens vertoonden en waar 2 op de 3 experimenteel geïnfecteerde dieren geuthanaseerd moesten worden Dit coronavirus was niet verschillend van het CCoV II virus dat geïsoleerd kan worden uit fecaal materiaal van de hond Het algemeen karakter van deze infectie is echter verantwoordelijk voor de ernst van deze ziekte Het virus werd dan ook pantroop coronavirus van de hond Eng panatropic canine coronavirus CCoV genoemd Sinds maart 2008 werden in Noord Frankrijk en België 6 uitbraken van hemmorragische diarree gevolgd door convulsies en sterfte van pups binnen 48 h vastgesteld In meerdere gevallen was er sprake van contact tussen de aangetaste pups en honden uit Oost Europa 1 tot 2 weken voor het optreden van de klinische tekens Bij de autopsie werden lymfadenopathie pulmonaire stuwing en leverdegeneratie vastgesteld Aan de hand van RT PCR analyse werd de aanwezigheid van CCoV II bevestigd Isolatie van dit virus uit alle organen darm milt longen lever hersenen liet toe dit virus te bestempelen als pantroop coronavirus Verdere studies zijn nodig om de eigenschappen van het virus en deze systemische ziekte beter te leren kennen Differentiaal diagnose tussen dit pantrope coronavirus en het parvovirus kan gemaakt worden aan de hand van de snelle evolutie van de ziekte aanwezigheid van convulsies en vaccinatie tegen het hondenparvovirus Door RT PCR op fecaal materiaal milt lever nier lever of hersenweefsel kan in het lab de diagnose worden gesteld Preventie Zowel in Europa als in de Verenigde Staten zijn vaccins tegen het hondencoronavirus in de handel De agentia uit deze vaccins bevatten dezelfde antigenen als deze van het pantroop coronavirus Pups die een natuurlijke infectie hadden meegemaakt met het enterische CCoV leken niet beschermd te zijn voor een experimentele infectie met het pantroop virus De symptomen waren echter wel milder 3 Behandeling Coronavirussen kunnen ademhalings spijsverterings en zenuwstoornissen veroorzaken in diverse species Tot voor kort verliep de infectie met milde ziektesymptomen en bijgevolg werd er nagenoeg niet gezocht naar coronavirusspecifieke antivirale middelen Vooral na het verschijnen van SARSCoV in de humane geneeskunde en in mindere mate FIP bij de kat in de diergeneeskunde werd naarstig gezocht naar middelen die gebruikt konden worden tegen deze infecties Voor de behandeling van infecties van het pantroop coronavirus bij de hond werd er met uitzondering van een symptomatische behandeling vooralsnog geen antivirale behandeling voorgesteld Het recombinant feliene omega interferon is in België in de handel voor de behandeling van virale leukemie bij de kat en parvovirus infecties bij de hond In een recent gecontroleerd onderzoek werd geen werkzaamheid vastgesteld voor de behandeling van feliene infectieuze peritonitis bij de kat 5 Dit resultaat pleit dus niet in het voordeel van het feliene omega interferon voor de behandeling van honden

    Original URL path: http://www.cbip-vet.be/nl/nlinfos/nlfolia/10FVN2c.php (2012-06-12)
    Open archived version from archive

  • Folia vet 2010 nr 1 (a)
    zijn gebaseerd op de actuele wetenschappelijke kennis en houden rekening met de beschikbare vaccins De meeste leden 1 van de ABCD zijn verbonden aan faculteiten diergeneeskunde Ze zijn afkomstig uit elf verschillende Europese landen en bezitten allen een internationaal erkende expertise in immunologie vaccinologie en of in de ziekteleer van infectieuze ziekten bij de kat De ABCD formuleert aanbevelingen over de behandelingen en vaccinaties in de dagelijkse praktijk in Europa en tracht op die manier de dierenarts richtlijnen te geven over het gebruik van geneesmiddelen in bepaalde situaties die niet strikt gedocumenteerd worden in de rubrieken van de Samenvatting van de ProductKenmerken SPK of bijsluiter van het geneesmiddel zie ook Folia Veterinaria 2007 n 3 De indicaties die in het onderstaand artikel worden opgesomd zijn dan ook niet van toepassing voor één bepaalde specialiteit maar voor de vaccinatie in het algemeen Een aantal aanbevelingen verschillen met de gegevens die in sommige oudere SPK s opgenomen zijn De redenen hiervan zijn ondermeer dat deze recentere richtlijnen gebaseerd zijn op de actuele stand van de wetenschap en dat zoals reeds gezegd ook rekening wordt gehouden met relatief veelvoorkomende situaties in de praktijk waarmee de dierenarts op het terrein geconfronteerd wordt maar die niet in de SPK aan bod komen De dierenarts zal dus telkens opnieuw de afweging moeten maken of in de gegeven omstandigheden de richtlijn al of niet kan toegepast worden Aanbevelingen betreffende infectieuze ziekten bij de kat en andere informatie is beschikbaar op www abcd vets org De samenvatting van deze aanbevelingen is beschikbaar in de vorm van fact sheets die in de verschillende Europese talen vertaald werden Felien panleucopenie basisvaccin pdf fiche Felien herpesvirus en infecties van de bovenste luchtwegen basisvaccin pdf fiche Felien calicivirus en infecties van de bovenste luchtwegen basisvaccin pdf fiche Rabiës pdf fiche Chlamydophila felis

    Original URL path: http://www.cbip-vet.be/nl/nlinfos/nlfolia/10FVN1a.php (2012-06-12)
    Open archived version from archive

  • Folia vet 2010 nr 1 (b)
    2010 nr 1 b Terug naar index Folia veterinaria 2012 nr 1 Farmacovigilantie voor de dierenarts Voor u gelezen Suspected side effects of doxycycline use in dogs a retrospective study of 386 cases Actualiteit Rapport antibioticaverbruik in de diergeneeskunde 2010 Recente informatie Archief Folia vet 2001 2012 Nieuw Nieuwe specialiteiten Gewijzigde gegevens Nieuwe MRL verordening Onlangs werd Verordening EEG nr 2377 90 de zogenaamde MRL verordening vervangen door Verordening EU nr 470 2009 en Verordening EU nr 37 2010 Voor het gebruiksgemak worden voortaan de farmacologisch werkzame stoffen in één bijlage opgenomen Voor de duidelijkheid worden de toegestane stoffen die eerder in de bijlagen I II en III van de MRL verordening werden opgesomd in een tabel weergegeven en de verboden stoffen die vroeger in bijlage IV werden opgenomen in een tweede tabel De werkzame stoffen worden in de nieuwe verordening niet meer volgens farmacologische klasse ingedeeld maar alfabetisch opgesomd De werkzame stoffen die in bijlage III met een tijdelijke MRL werden opgenomen en waarvan de geldigheidsduur is verstreken worden niet meer in de nieuwe bijlage opgenomen BCFI project diergeneeskunde skip to page content links on this page site navigation footer site information BCFI vet Inhoud site Het B C

    Original URL path: http://www.cbip-vet.be/nl/nlinfos/nlfolia/10FVN1b.php (2012-06-12)
    Open archived version from archive

  • Folia vet 2010 nr 1 (c)
    link subglobal8 link subglobal8 link subglobal8 link subglobal8 link subglobal8 link Folia veterinaria 2010 nr 1 c Terug naar index Folia veterinaria 2012 nr 1 Farmacovigilantie voor de dierenarts Voor u gelezen Suspected side effects of doxycycline use in dogs a retrospective study of 386 cases Actualiteit Rapport antibioticaverbruik in de diergeneeskunde 2010 Recente informatie Archief Folia vet 2001 2012 Nieuw Nieuwe specialiteiten Gewijzigde gegevens Bijsluiters van alle geneesmiddelen voortaan beschikbaar op internet De Samenvatting van de Kenmerken van het Product SKP van geneesmiddelen zowel voor humaan als voor diergeneeskundig gebruik die in ons land geregistreerd zijn kunnen voortaan geraadpleegd of gedownload worden via de website van het Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten FAGG www fagg be Op de homepagina klikt u in de rechterkolom op Bijsluiters en Samenvattingen van de kenmerken van het product SKP s Op de volgende pagina selecteert u Menselijk gebruik of Diergeneeskundig gebruik en tikt u de naam van de specialiteit in om vervolgens de desbetreffende bijsluiter te raadplegen BCFI project diergeneeskunde skip to page content links on this page site navigation footer site information BCFI vet Inhoud site Het B C F I Contact Inleiding Disclaimer Home Repertorium Folia vet Nieuw Goed om

    Original URL path: http://www.cbip-vet.be/nl/nlinfos/nlfolia/10FVN1c.php (2012-06-12)
    Open archived version from archive

  • Folia vet 2010 nr 1 (d)
    wordt aangeraden ook al blijkt uit meerdere proeven dat de DOI voor deze vaccins soms veel langer is Een uitzondering op de jaarlijkse hervaccinatie was het rabiësvaccin met een DOI van 3 jaar Onderzoek heeft vastgesteld dat de meeste basisvaccins voor hond en kat trouwens een relatief lange DOI hebben Voor de recentere honden en kattenvaccins werden langere DOI s vastgesteld en werd de frequentie van de hervaccinaties gereduceerd Bij het vaststellen van de DOI wordt geen rekening gehouden met natuurlijke boosters die kunnen ontstaan nadat het dier in contact komt met het pathogeen agens uit de omgeving Op die manier zou het dier lang na het verstrijken van de DOI nog beschermd kunnen zijn Deze blootstelling aan het natuurlijk voorkomend pathogeen agens is natuurlijk niet controleerbaar OOI en DOI naargelang het type vaccin Het doel van een efficiënte vaccinatie is het opwekken van B en T geheugencellen Eng memory cells die bij een volgend contact met het pathogeen agens verantwoordelijk zullen zijn voor een doeltreffend en snel secundair immuunantwoord Geïnactiveerde vaccins vergen meestal 2 vaccinaties toegediend met een interval van meestal 3 tot 6 weken en bieden enkele weken na de laatste vaccinatie bescherming Bij levend verzwakte vaccins volstaat meestal één injectie en is de immuniteitsopbouw soms al na enkele dagen voldoende hoog om het dier te beschermen Deze immunologische bescherming zal met de tijd geleidelijk afnemen Meestal zullen geattenueerde vaccins een snellere en langere bescherming bieden dan geïnactiveerde vaccins Intranasale vaccins zorgen eveneens voor een snelle bescherming OOI en DOI in de praktijk Uit wat vooraf gaat is het duidelijk dat zowel OOI als DOI sterk afhankelijk zijn van ondermeer het type vaccin het pathogeen agens de toedieningsweg het doeldier of type doeldier en de vaccindosis Wijzigen van deze factoren of het samen toedienen met andere vaccins of andere geneesmiddelen kan een invloed hebben op de werkzaamheid van het vaccin de OOI en de DOI De dierenarts dient met andere woorden de voorschriften die in de SPK zijn opgenomen te respecteren om de veiligheid en de werkzaamheid van de vaccinatie niet in het gedrang te brengen De dierenarts kan zich baseren op OOI om op een verantwoorde manier aanwijzingen te geven aan de eigenaars van de dieren wanneer de dieren kunnen samengebracht worden met andere dieren of in een besmet milieu mogen geïntroduceerd worden Zo kan de dierenarts in bepaalde situaties opteren voor vaccins met zeer korte OOI om gevoelige dieren snel te beschermen Bijvoorbeeld het vaccineren van jonge kalveren met intranasale vaccins tegen ademhalingspathogenen Deze vaccins geven een snelle bescherming door de lokale immunisatie en kunnen gemakkelijker de maternale immuniteit omzeilen In de praktijk zullen deze kalveren een uiteenlopende graad van maternale immuniteit vertonen Bij bepaalde dieren met een zeer hoge maternale immuniteit kunnen de maternale antistoffen de immunisatie na vaccinatie verhinderen Ook wanneer kalveren op een heel jonge leeftijd gevaccineerd worden is een hervaccinatie nodig op het tijdstip dat de maternale immuniteit verdwijnt De DOI bepaalt wanneer een volgende hervaccinatie aangewezen is om het dier blijvend

    Original URL path: http://www.cbip-vet.be/nl/nlinfos/nlfolia/10FVN1d.php (2012-06-12)
    Open archived version from archive

  • Folia vet 2009 nr 3 (c)
    voor de dierenarts Voor u gelezen Suspected side effects of doxycycline use in dogs a retrospective study of 386 cases Actualiteit Rapport antibioticaverbruik in de diergeneeskunde 2010 Recente informatie Archief Folia vet 2001 2012 Nieuw Nieuwe specialiteiten Gewijzigde gegevens Actualiteit nieuwe vergunningsnummers voor Belgische geneesmiddelen Uniek vergunningsnummer BE Vxxxxxx Producten die als geneesmiddel op de Belgische markt toegelaten worden hebben allemaal een vergunningsnummer dat ondermeer weergegeven wordt op de verpakking van het geneesmiddel Sinds begin 2009 is het Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten gestart met de omschakeling van het huidig nationaal registratienummer naar een uniek registratienummer voor geneesmiddelen voor diergeneeskundig gebruik Dit uniek nummer heeft de structuur BE Vxxxxxx BE duidt aan dat het een Belgisch vergunningsnummer is V veterinair verwijst naar een geneesmiddel voor diergeneeskundig gebruik en xxxxxx is de unieke 6 cijfercombinatie die automatisch aan elk diergeneesmiddel dat in België op de markt toegelaten is wordt toegekend Tegen 1 januari 2011 zullen alle vrijgegeven loten voorzien zijn van dit uniek registratienummer De parallel ingevoerde diergeneesmiddelen met PI nummer en diergeneesmiddelen met een tijdelijke gebruiksvergunning TGV met T of S nummer worden niet voorzien van dit uniek vergunningsnummer BCFI project diergeneeskunde skip to page content links on this

    Original URL path: http://www.cbip-vet.be/nl/nlinfos/nlfolia/09FVN3c.php (2012-06-12)
    Open archived version from archive