archive-be.com » BE » C » CBIP-VET.BE

Total: 577

Choose link from "Titles, links and description words view":

Or switch to "Titles and links view".
  • Vaccins
    Anti infectieuze middelen Antimicrobiële middelen Antimycotische middelen Antiparasitaire middelen Hormonen Geslachtshormonen voortplantingsstelsel Glucocorticoïden Schildklier Hyperadrenocorticisme Cushing Insuline Antihistaminica Pijn en ontsteking Analgetica en antipyretica Narcotische analgetica NSAID s Glucocorticoïden Antihistaminica Gastro intestinaal stelsel Maagzuursecretie inhibitor Anti emeticum Spasmolytica Obesitas Anti infectieuze geneesmiddelen bij diarree Metabolisme Rehydratantia Vitaminen mineralen Locomotorisch stelsel Ademhalingsstelsel Cardiovasculair stelsel Hartinsufficiëncie Perifere en cerebrale vasodilatoren Diuretica Beta blokkers Urogenitaal stelsel Centraal en perifeer zenuwstelsel Algemene injecteerbare anaesthetica Inhalatieanaesthetica Euthanasie Lokale anaesthetica Neuroleptica Benzodiazepines Myorelaxerende stoffen Alfa 2 adrenergica Antidepressiva Antidoot Geneesmiddelen voor de huid Uitwendig gebruik Cutaan gebruik Gebruik in het oog Gebruik in het oor Intra uterien Intramammair Immunologie Vaccins Rabiësvaccins Antisera en immunoglobines Immunomodulatoren Immunocastratie Antitumorale Middelen Zoek tekst Zoek specialiteit Wachttijden MRL Bijsluiters Vaccins Paarden Viraal Influenza Rhinopneumonie West Nijlvirus Antibacterieel Tetanus Gecombineerde vaccins Overzichtstabel paard Ruminantia Viraal Virale respiratoire aandoeningen Bo Virale diarree Bo Blauwtong Bo Ov Antibacterieel Colibacillaire vaccins Clostridia vaccins Rotkreupel Mannheimia haemolytica Q koorts Coxiella burnetii Mastitis veroorzaakt door E coli en S aureus Antiparasitair Longworm Overzichtstabel ruminantia Varkens Viraal Parvovirose Griep Influenza PRRS PMWS Antibacterieel Contagieuze pleuropneumonie Enzoötische pneumonie Atrofische rhinitis Neonatale diarree E coli PPE L intracellularis Vlekziekte Glasser disease H parasuis Gecombineerde vaccins Overzichtstabel varken Konijn Pluimvee Viraal Kippen Kalkoen parelhoen fazant patrijs kwartel Lijst vaccins voor pluimvee Antibacterieel E coli Salmonella Mycoplasma gallisepticum Antiparasitair Coccidiose Overzichtstabel pluimvee Duiven en kanaries Viraal Duiven Ziekte van Newcastle Duivenpokken Kanariepokken Antibacterieel Salmonella Paratyphose Overzichtstabel duif kanarie Honden Viraal Infectieuze hepatitis Parvovirose Hondenziekte Herpesvirus Kennelhoest Vaccinatie van pups Antibacterieel Bordetella bronchiseptica L Canicola Ictérohaemorrhagiae Antiparasitair Leishmania infantum Gecombineerde vaccins Overzichtstabel hond Katten Viraal Feliene panleukopenie Niesziekte Leukemievirus Infectieuze peritonitisvirus Antibacterieel Chlamydophila felis Gecombineerde vaccins Overzichtstabel kat Rabiësvaccins BCFI project diergeneeskunde skip to page content links on this page site navigation footer site information BCFI vet Inhoud site Het B C

    Original URL path: http://www.cbip-vet.be/nl/nlcomment/nlvaccins.php (2012-06-12)
    Open archived version from archive

  • Vaccins tegen rabies
    Enkel het eerste vaccin werd in België gebruikt Deze vaccins werden in opdracht van de overheid vanuit de lucht over een bepaald gebied verspreid en zijn niet voor andere doeleinden bestemd Campagnes om vossen op deze manier tegen rabiës te vaccineren hebben geleid tot het uitroeien van de ziekte in ons land België is momenteel officieel erkend als zijnde vrij van de urbane en sylvatische vorm van rabiës Wetgeving De wetgeving in verband met rabiësvaccinatie onderging een aantal aanpassingen naar aanleiding van een gewijzigde situatie van de infectie op het terrein en door het van kracht worden van nieuwe voorschriften Vaccinatie tegen rabiës is verplicht voor honden katten en fretten bij reizen naar andere EG landen De dieren moeten vooraf worden geïdentificeerd en de vaccinatie wordt genoteerd in het paspoort van het dier De geldigheidsduur van de vaccinatie is deze zoals aangegeven door de registratiehouder van het vaccin Verordening EG 998 2003 waarin de veterinairrechterlijke voorschriften voor het verkeer van gezelschapsdieren werden vastgelegd De primovaccinatie is echter pas geldig 21 dagen na de vaccinatie een hervaccinatie is geldig vanaf het moment van vaccinatie voor zover deze tijdens de geldigheidsduur van de vorige vaccinatie gebeurt Beschikking 2005 91 EG tot vaststelling van de periode waarna rabiësvaccinatie als geldig wordt beschouwd Voor Ierland Zweden Malta en het Verenigd Koninkrijk golden tot voor kort nog afwijkende maatregelen Sinds 1 januari 2012 is de titerbepaling voor rabiësantistoffen niet meer verplicht Voor de vaccinatie tegen rabiës van honden fretten en katten die niet naar het buitenland reizen is een voorafgaande identificatie van het dier niet verplicht Wanneer het dier niet wordt geïdentificeerd levert de erkende dierenarts een certificaat af zoals bedoeld in Bijlage van het KB van 21 september 2004 KB tot wijziging van het KB van 10 februari 1967 houdende reglement van de diergeneeskundige politie op de hondsdolheid Is het dier reeds geïdentificeerd of wordt de identificatie uitgevoerd op het moment van de vaccinatie dan gebeurt de attestatie in het paspoort Voor België is vaccinatie van honden en katten verplicht ten zuiden van Samber en Maas en voor dieren die met hun eigenaars op campings verblijven Meer info via FAVV Monovalente rabiësvaccins NOBIVAC RABIES Intervet Bijsluiter via FAGG geïnact Rabiësvirus stam Pasteur RIV min 2 0 IU Adjuv aluminiumfosfaat vaccin voor injectie im Eq Bo Ov im sc Ca Fe Posologie Primovac Eq Bo Ov lft 6 m 1 dosis im Eq Bo Ov lft Ca Fe lft 3 m 1 dosis im sc Ca Fe lft Revac Eq Bo 1 dosis 2 jaar Ov 1dosis jaar Ca Fe 1 dosis 3 jaar Nobivac Rabies kan gebruikt worden als suspensiemiddel voor Nobivac DHPPi Nobivac DHP Nobivac Parvo c Nobivac Puppy DP Nobivac Pi Nobivac PPi Nobivac Ducat OOI 3 4 w na vac DOI Ca Fe 3 jaar Bo Eq 2 jaar Ov 1 jaar Vlees 0 d Melk 0 d fles 10 x 1 dosis R i PUREVAX RABIES Merial Bijsluiter via EMA rabiësvirus recombinant kanariepokken virus vCP65 min 10 exp6 8 FAID50

    Original URL path: http://www.cbip-vet.be/nl/texts/NRABOOL1AL2o.php (2012-06-12)
    Open archived version from archive

  • Antisera en Immunoglobulines
    gebaseerd op de toediening van antistoffen aan een gevoelig dier Dit resulteert in een onmiddellijke bescherming De duur van bescherming is echter steeds beperkt tot enkele weken of maanden Voor het rund Voor het paard Atisera of immunoglobulines voor het rund De hieronder vermelde specialiteiten worden aangewend voor de preventie of de behandeling van colibacillose bij het kalf Aangezien de immunologische bescherming volgend op de toediening van een goed colostrum niet kan worden bereikt met het toedienen van antisera of immunoglobulines dient ondanks de toediening van deze laatste stoffen steeds colostrum te worden gegeven De specialiteiten voor oraal gebruik moeten binnen de eerste 12 h na de geboorte worden toegediend dit is de periode waar de darm van het kalf permeabel is voor immunoglobulines Zie ook Virale vaccins voor ruminantia en Bacteriële vaccins voor ruminantia LOCATIM Biokema Anstalt Bijsluiter via EMA IgG tegen E coli F5 K99 min 2 8 log10 ml oplossing po Posologie kalf lft Vlees 0 d fles 60 ml R LOCATIM PLUS ex SERIMMUN PLUS Fendigo Bijsluiter via FAGG IgG1 IgG2 IgM IgA waaronder E coli As 10 g 100 ml specifieke homologe anti coli gammaglobulines agglutinatietiter 078 0115 015 1 5000 086 0117 1 3000 oplossing voor injectie im sc iv Posologie Preventief kalf 50 100 mg kg Curatief kalf 100 200 mg kg Wachttijd 0 d fles 100 ml R Antisera of immunoglobulines voor het paard Passieve immunisatie tegen tetanus is aangewezen bij verdachte wonden bij dieren waarvan de immuunstatus niet bekend of twijfelachtig is Gelijktijdig dient er te worden gevaccineerd Hoge dosissen worden gebruikt zodra klinische symptomen optreden Zie ook Vaccinatie tegen bacteriële ziekten bij het paard Antisera tegen tetanus ANTI TETANUS SERUM Intervet Bijsluiter via FAGG tetanus As 1 160 IE ml oplossing voor injectie sc im iv epid Posologie Profylaxis geen

    Original URL path: http://www.cbip-vet.be/nl/texts/NASOOOL1AL2o.php (2012-06-12)
    Open archived version from archive

  • Immunomodulatoren
    Intramammair Immunologie Vaccins Rabiësvaccins Antisera en immunoglobines Immunomodulatoren Immunocastratie Antitumorale Middelen Zoek tekst Zoek specialiteit Wachttijden MRL Cascadesysteem Bijsluiters Immunomodulatoren Interferon Specialiteiten met Interferon Interferonen behoren tot de cytokinen en bezitten zowel antivirale als immunomodulerende eigenschappen Indicaties Het recombinant omega interferon van feliene oorsprong het enige interferon dat momenteel op de markt mag worden gebracht in de diergeneeskunde wordt gebruikt om de mortaliteit en de klinische symptomen van parvovirose enterische vorm bij honden ouder dan 1 maand te verminderen Katten besmet met het feliene leukemievirus en of het feliene immunodeficiëntievirus in een niet te ver gevorderd stadium kunnen vanaf de leeftijd van 9 weken behandeld worden Ook hier ziet men een afname van de klinische symptomen en van de mortaliteit Farmacodynamie Het werkingsmechanisme is niet goed gekend maar een stimulatie van de niet specifieke afweerreacties kan een rol spelen Het felien omega interferon heeft geen directe invloed op het pathogeen virus Farmacokinetiek Het rFeIFN verdeelt zich voornamelijk naar de nieren en de lever Vooral in de nieren wordt rFeIFN zeer snel gemetaboliseerd en met de urine uitgescheiden Hoge concentraties zijn terug te vinden in de nieren de lever de schildklier en de milt Het rFeIFN gaat niet doorheen de bloed hersenbarrière In spier en vetweefsel worden slechts lage concentraties aangetoond De farmacologische werking van IFN duurt langer dan zijn aantoonbaarheid in het plasma Contra indicaties Zie dracht en lactatie Bijwerkingen Hyperthermie braken leucopenie trombocytopenie en anemie kunnen worden vastgesteld tijdens de behandeling Over de bijwerkingen bij hond en kat die zouden kunnen optreden na langdurig gebruik zijn geen gegevens bekend Bij de mens treden na landurig gebruik auto immuunziekten op Voorzorgen bij het gebruik De vaccinatie van het dier moet worden uitgesteld tot het volledig herstel van het dier Voortplanting en lactatie Het veilig gebruik van het product bij drachtige

    Original URL path: http://www.cbip-vet.be/nl/texts/NCAOOOL1CL2o.php (2012-06-12)
    Open archived version from archive

  • Immunocastratie
    kan gebeuren vanaf de leeftijd van 8 weken De aanvang van de immuniteit inductie van anti GnRF antilichamen is binnen 1 week na de tweede vaccinatie te verwachten Vaccin De werkzame stof in het vaccin is een hormonaal inactief analoog van Gonadotrofine Releasing Factor GnRF gekoppeld aan een dragereiwit Diphteriatoxoïd gebruikt in humane vaccins Na een eerste vaccinatie ontstaat er een priming van het immuunstelsel zonder fysiologische gevolgen Na de tweede dosis worden er antistoffen geproduceerd die het endogeen GnRF neutraliseren Hierdoor neemt de secretie van LH en FSH af waardoor de productie van steroïden in de testes tijdelijk afneemt Het vaccin verlaagt op deze manier de productie van testosteron en andere steroïden zoals androstenon dat in belangrijke mate verantwoordelijk is voor berengeur Een andere belangrijke component van berengeur skatol wordt onrechtstreeks geremd Bijwerkingen Ter hoogte van de injectieplaats kan een zwelling voorkomen vooral bij jongere dieren De zwelling verdwijnt geleidelijk maar kan bij sommige dieren lang 42 d aanwezig zijn Een lichte verhoging van de lichaamtemperatuur 0 5 C kan zich voordoen tijdens de eerste 24 h na de vaccinatie Bij een beperkt aantal dieren treden meteen na de injectie anafylactoïde achtige reacties In zeldzame gevallen met sterfte maar meestal treedt er zonder behandeling herstel op De reacties traden niet meer op bij een volgende injectie Voortplanting en lactatie Niet gebruiken bij vrouwelijke of mannelijke fokvarkens Risisco voor de mens Injectie bij mensen kan zowel bij mannen als bij vrouwen leiden tot een tijdelijke afname van geslachtshormonen en voortplantingsfuncties en een ongunstig effect hebben op de zwangerschap Dit risico vergroot na een tweede of volgende injectie Het product moet bijgevolg met grote voorzichtigheid worden toegediend met behulp van een speciaal daartoe bestemde veiligheidsinjector Zwangere vrouwen of vrouwen die zwanger zouden kunnen zijn mogen deze producten niet hanteren of toedienen

    Original URL path: http://www.cbip-vet.be/nl/texts/NCASTRL1AL2o.php (2012-06-12)
    Open archived version from archive

  • Antitumorale Middelen
    small molecules of nibs is gebaseerd op een competitieve inhibitie van intracellulaire enzymen Masitinib remt in vitro de gemuteerde vorm van de c Kit receptor krachtig en selectief Het remt eveneens de Platelet Derived Growth Factor PDGF receptor en de Fibroblast Growth Factor Receptor FGFR3 Een behandeling met masitinib mag alleen worden overwogen bij honden met inoperabele mestceltumoren met expressie van de gemuteerde c KIT tyrosine kinasereceptor Toceranib heeft zowel een directe anti tumor als een anti angiogenese werking Toceranib remt selectief de tyrosine kinase activiteit van verscheidene leden van de split kinase receptor tyrosine kinase RTK familie waarvan sommige betrokken zijn bij tumorgroei pathologische angiogenese en metastatische progressie van kanker In zowel biochemische als cellulaire onderzoeken remt toceranib de activiteit van Flk 1 KDR tyrosine kinase vasculair endotheliale groeifactor receptor VEGFR2 bloedplaatjes afhankelijke groeifactor receptor PDGFR en stamcelfactor receptor c Kit Farmacokinetiek Na orale toediening bij honden 11 2 mg kg LG wordt masitinib snel geabsorbeerd de tijd tot maximale concentratie Tmax bedraagt ongeveer 2 uur De eliminatiehalfwaardetijd bedraagt ongeveer 3 6 uur Masitinib wordt voor ongeveer 93 gebonden aan de plasma eiwitten Masitinib wordt hoofdzakelijk gemetaboliseerd door N dealkylering De excretie vindt plaats in de gal Voor toceranib bedraagt de eliminatie halfwaardetijd ongeveer 17 h tijd tot de maximum plasma concentratie ongeveer 6 h Toceranib is in hoge mate eiwit gebonden 91 93 Na orale toediening van toceranib fosfaat wordt ongeveer 92 van het toegediende middel uitgescheiden in de feces en 7 in de urine Contra indicaties Niet gebruiken bij drachtige of zogende teven bij jonge honden of honden die minder dan 3 à 4 kg wegen Het gebruik van masitinib wordt eveneens ontraden bij honden die lijden aan lever of nierfunctiestoornissen bij honden met anemie of neutropenie of in geval van overgevoeligheid voor het werkzame bestanddeel of voor een van de hulpstoffen Bijwerkingen Voor de uitgebreide lijst van de bijwerkingen wordt verwezen naar de SPK van de specialiteiten Bijwerkingen die relatief vaak voorkomen maar een mild verloop kennen zijn van gastro intestinale aard diarree braken en anorexie kreuelheid alopecie mastinib prurutis verhoogde leverwaarden AST ALT en een verlaagde hematochriet Interacties Er dient rekening gehouden te worden met de mogelijke interacties met andere stoffen die via de lever geëlimineerd worden of die de leverenzymen inhiberen Gelijktijdig gebruik van andere stoffen met een hoge graad van eiwitbinding kunnen concurreren met de binding van masitinib en op die manier bijwerkingen veroorzaken De werking van masitinib kan verminderd zijn bij honden die eerder werden behandeld met chemotherapie en of bestraling Er is geen informatie beschikbaar over potentiële kruisresistentie met andere cytostatische producten Gezien toceranib de kans op gastro intestinale ulceratie of perforatie verhoogt dient het gelijktijdig gebruik van niet steroïde anti inflammatoire geneesmiddelen met voorzichtigheid te gebeuren Voorzorgen bij het gebruik Risico s bij de mens Tabletten mogen niet gebroken of vermaald worden Herhaaldelijk contact van de huid met masitinib kan de vruchtbaarheid bij vrouwen en de ontwikkeling van de foetus nadelig beïnvloeden kan sensibilisatie van de huid veroorzaken en kan

    Original URL path: http://www.cbip-vet.be/nl/texts/NTUMORL1AL2o.php (2012-06-12)
    Open archived version from archive

  • Folia vet 2012 nr 1 (a)
    registratie van geneesmiddelen zijn in duur beperkt Bijgevolg zullen bijwerkingen met een langere latentieperiode niet opgemerkt worden tijdens de studie Deze studies worden ook uitgevoerd met een beperkt aantal dieren waardoor de kans om zeldzamere bijwerkingen vast te stellen heel klein is Het opsporen van alle zeldzame bijwerkingen vóór het geneesmiddel in de handel wordt toegelaten zou betekenen dat het aantal proefdieren vele malen groter zou moeten zijn en dat de studies bovendien vele jaren zouden moeten duren Dit zou enerzijds de kostprijs van het geneesmiddel immens opdrijven en anderzijds zou zo het in de handel brengen van innovatieve geneesmiddelen aanzienlijk gehinderd worden Ook zou hierdoor het risico om alsnog een bijwerking gemist te hebben niet tot nul herleid zijn Bovendien zijn in de studiepopulatie niet alle categorieën dieren vertegenwoordigd bv bepaalde rastypes jonge dieren of oudere dieren Factoren die na het in de handel komen van het geneesmiddel eveneens een rol kunnen spelen in het optreden van bijwerkingen zijn het simultaan gebruik met andere geneesmiddelen en het off label gebruik of de aanwezigheid van bepaalde pathologieën bij het behandelde dier Het veiligheids en werkzaamheidsprofiel van een geneesmiddel kan dus in de loop der tijd veranderen Om deze veranderingen vast te stellen en hun frequentie te bepalen is het belangrijk dat vermoedelijke bijwerkingen door u als dierenarts of apotheker gemeld worden Om de kans op de detectie van een bijwerking te verhogen worden in Europa alle meldingen van vermoedelijke bijwerkingen in één centrale gegevensbank Eudravigilance Veterinary verzameld Hoe meer meldingen hoe sneller een bijwerking kan vastgesteld worden en hoe sneller er maatregelen getroffen kunnen worden die de veiligheid en werkzaamheid van het geneesmiddel garanderen Wat melden een bijwerking met sterfte tot gevolg een bijwerking die leidt tot significante aanhoudende of blijvende verschijnselen een onverwachte bijwerking die niet vermeld staat in de SKP een schadelijke reactie bij de mens een bijwerking die voorkomt nadat het geneesmiddel niet volgens de voorschriften uit de SKP werd gebruikt cascade of off label gebruik een gebrek aan de verwachte werkzaamheid mogelijks als gevolg van resistentie een probleem met de wachttijden een probleem voor het milieu een bekende bijwerking die als ernstig kan worden beschouwd of die ernstiger of frequenter voorkomt dan in het verleden Dierenartsen worden aangemoedigd om alle vermoedelijke bijwerkingen die zij als medisch relevant beschouwen te melden Voor deze melding moet het oorzakelijk verband tussen het gebruikte geneesmiddel en de vermoedelijke bijwerking niet vastgesteld zijn Het is belangrijk om de vermoedelijke bijwerkingen zo snel mogelijk te melden en met zoveel mogelijk bijkomende informatie zoals laboratoriumuitslagen of sectieverslagen om een snelle en correcte evaluatie mogelijk te maken Hoe melden U kan als dierenarts of apotheker vermoedelijke bijwerkingen melden via het Europees meldingsformulier De meldingen kunnen gebeuren bij de overheid BCGV Belgisch Centrum voor Geneesmiddelenbewaking voor geneesmiddelen voor diergeneeskundig gebruik of rechtstreeks aan de vergunninghouder die het BCGV informeert Wat gebeurt er met de gemelde gegevens De verzamelde informatie wordt door de bevoegde instantie geëvalueerd en wanneer het verband tussen de vermoedelijke bijwerking en het

    Original URL path: http://www.cbip-vet.be/nl/nlinfos/nlfolia/12FVN1a.php (2012-06-12)
    Open archived version from archive

  • Folia vet 2012 nr 1 (b)
    in een universitaire dierenkliniek in München behandeld werden met doxycycline dox De volgende bijwerkingen werden onderzocht anorexie braken diarree koorts en stijging van de leverenzymes alanine aminotransferase ALT en alkalisch fosfatase AF Enkel de gegevens van de honden die vóór de behandeling met dox vrij waren van de onderzochte bijwerking werden statistisch verwerkt Eventuele correlatie met signalement dosis duur van de behandeling frequentie van toediening type van doxycyclinezout doycyclinemonohydraat en hyclaat en bijkomend gebruik van andere geneesmiddelen werden eveneens nagegaan De resultaten van deze studie toonden aan dat het toedienen van doxycycline aan honden gepaard gaat met gastro intestinale bijwerkingen braken en diarree en een toename van de leverenzymes ALT en AF Voor de vastgestelde bijwerkingen werd de incidentie berekend en werd de correlatie met andere factoren nagegaan BRAKEN 18 3 63 344 Naarmate de leeftijd toeneemt verhoogt de kans op braken Bijkomende toediening van maagwandbeschermende geneesmiddelen zoals aluminium houdende antacida PGE2 analogen H2 receptor antagonisten of antiemetica verhoogde de kans op braken Magnesium aluminium houdende antacida en protonpomp inhibitoren verlaagden daarentegen de kans op braken De auteurs wijzen erop dat gezien de aard van een retrospectief onderzoek de reden voor het simultaan toedienen van dox met maagwandbeschermende stoffen niet vastgesteld kan worden waardoor de betekenis van dit verband moeilijk in te schatten is DIARREE 7 24 342 Er werd geen verband opgetekend met andere factoren ANOREXIE 2 5 8 314 Er werd geen verband vastgesteld met de andere onderzochte variabelen KOORTS werd niet vastgesteld LEVERENZYMES ALT EN AF ALT stijging komt voor bij 39 4 26 66 van de honden waarbij dit enzym zowel vóór als na de behandeling werd bepaald De leeftijd was positief gecorreleerd met een stijging van ALT Honden die diarree hadden vóór de behandeling hadden een lager risico voor ALT stijging AF stijging komt voor in 36 4 16 44 van de honden waarbij dit enzym zowel vóór als na de behandeling werd bepaald De dox dosis was positief gecorreleerd met een AF stijging De auteurs konden niet achterhalen waarom bij deze honden de waarden voor ALT en of AF een tweede maal bepaald werden en dus in hoeverre bij deze dieren er een stijging optrad door de onderliggende pathologie dan wel door de behandeling met dox Bovendien kunnen uitgaande van deze kleine subpopulaties geen algemene conclusies worden getrokken Deze studie bevestigt volgens de auteurs wel een eerder experiment waarin een hogere dox dosis leidt tot reversibele leverfunctiestoornissen Verdere studies zijn nodig om de betekenis na te gaan van de stijging van leverenzymes BCFI vet redactie Voor een verantwoord gebruik van geneesmiddelen is het belangrijk om niet alleen de werking van het geneesmiddel te kennen maar eveneens de kans op mogelijke bijwerkingen Met de kennis van deze bijwerkingen kan men afwegen om de behandeling te starten of om ze aan te passen In dit onderzoek is de studiepopulatie gevarieerd samengesteld waardoor de invloed kan nagegaan worden van factoren zoals leeftijd of het gelijktijdig toedienen van andere geneesmiddelen De meest voorkomende bijwerkingen in het bijzonder bij

    Original URL path: http://www.cbip-vet.be/nl/nlinfos/nlfolia/12FVN1b.php (2012-06-12)
    Open archived version from archive