archive-be.com » BE » C » CBIP-VET.BE

Total: 577

Choose link from "Titles, links and description words view":

Or switch to "Titles and links view".
  • Antidepressiva
    het metabolisme van clomipramine Sympaticomimetica verhogen het risico op cardiale effecten Voortplanting en lactatie De veiligheid van clomipramine in drachtige of lacterende dieren werd niet onderzocht doch er zijn aanwijzingen van embryotoxische effecten bij labdieren Derhalve wordt het toedienen ervan aan drachtige of lacterende dieren afgeraden Clomipramine CLOMICALM 20 mg Novartis Bijsluiter via EMA clomipraminehydrochloride 20 mg tablet po Posologie Ca 1 2 mg kg 2 x pd tabl 30 R CLOMICALM 5 mg Novartis Bijsluiter via EMA clomipraminehydrochloride 5 mg tablet po Posologie Ca 1 2 mg kg 2 x pd tabl 30 R CLOMICALM 80 mg Novartis Bijsluiter via EMA clomipraminehydrochloride 80 mg tablet po Posologie Ca 1 2 mg kg 2 x pd tabl 30 R Selectieve serotonine heropnameremmers fluoxetine Specialiteiten met fluoxetine Indicaties Ter ondersteuning van gedragstherapie bij de hond in het bijzonder voor de behandeling van scheidingsangst die gepaard gaat met onaangepast gedrag Farmacodynamie Fluoxetine en zijn actieve metaboliet norfluoxetine zijn zeer selectieve remmers van de serotonineopname De serotoninerge neurotransmissie en de functionele effecten die hiervan een gevolg zijn worden zo bevorderd Fluoxetine heeft geen sedatieve werking heeft in vivo en bij de voorgeschreven doseringen geen effect op de opname van catecholamine heeft geen significante affiniteit voor de muscarine receptoren α adrenerge receptoren of H1 receptoren en heeft geen directe effecten op het hart Farmacokinetiek Fluoxetine wordt goed geabsorbeerd na orale toediening 72 De absorptie wordt niet door voederen beïnvloed Fluoxetine wordt afgebroken tot het actieve norfluoxetine De eerste 10 dagen na de start van de behandeling gebeurt er accumulatie van fluoxetine en zijn metaboliet nadien wordt een steady state bereikt Eliminatie bij honden gebeurt via de faeces en de urine Gezien de lange halfwaardtijd van dit geneesmiddel is het niet nodig om bij het stopzetten van de behandeling de dosering geleidelijk af te bouwen Contra indicaties Niet toedienen aan dieren die lichter zijn dan 4 kg of jonger dan 6 maanden Niet gebruiken bij honden met epilepsie Bijwerkingen Anorexie en lethargie komen zeer vaak voor Aandoeningen van de urinewegen cystitis urine incontinentie urineretentie strangurie en verschijnselen van het centrale zenuwstelsel ongecoördineerdheid desoriëntatie komen vaak voor Gewichtsverlies en conditieverlies en mydriase komen soms voor Epiletische aanvallen komen zelden voor Interacties Niet gelijktijdig toedienen met geneesmiddelen die de drempel voor epileptische aanvallen verlagen vb acepromazine Niet samen toedienen met serotonerge geneesmiddelen met inhibitoren van het monoamineoxidase MAO remmers zoals selegilline amitraz of met tricyclische aminen vb clomipramine Interacties met andere geneesmiddelen die gemetaboliseerd worden door het P 450 enzymesysteem zijn mogelijk Na het stopzetten van de behandeling moet rekening gehouden worden met een wash out periode van 6 weken Voorzorgen voor het gebruik Indien epileptische aanvallen optreden dient de toediening gestopt te worden Voortplanting en lactatie Omdat de veiligheid van dit geneesmiddel niet bewezen is bij dracht of lactatie wordt de toediening in deze omstandigheden afgeraden Bij andere proefdieren dan de hond werden geen teratogene foetotoxische of maternotoxische bijwerkingen vastgesteld Noch bij vrouwelijke noch bij mannelijke ratten werd er een invloed op de voortplantingscapaciteit vastgesteld Fluoxetine

    Original URL path: http://www.cbip-vet.be/nl/texts/NZSOOOL1EL2o.php (2012-06-12)
    Open archived version from archive

  • Middelen gebruikt bij epilepsie
    blokkers en metronidazol versterken en daardoor het effect van deze middelen doen afnemen De betrouwbaarheid van orale anticonceptiva is minder Fenobarbital kan de absorptie van griseofulvine verminderen De volgende geneesmiddelen kunnen de convulsiegrens verlagen quinolonen hoge doseringen van β lactam antibiotica theophylline aminophylline ciclosporine en propofol Geneesmiddelen die de convulsiegrens veranderen dienen alleen te worden gebruikt indien echt nodig en wanneer geen veiliger alternatief beschikbaar is Voorzorgen voor gebruik Speciale voorzorgsmaatregelen voor gebruik bij dieren Deze tabletten mogen niet worden gedeeld Doseringen voor kleinere honden kunnen niet worden aangepast in overeenstemming met het aanbevolen 20 regime en daarom moeten deze dieren speciaal opgevolgd worden Voorzichtigheid is geboden bij dieren met verminderde lever of nierfunctie hypovolemie anemie en hart of ademhalingsstoornissen De kans of hepatotoxische bijwerkingen kan worden verkleind of uitgesteld door een zo laag mogelijke effectieve dosis te geven Het monitoren van leverwaarden wordt aanbevolen in het geval van langdurige therapie Het wordt aanbevolen om de klinische pathologie van de patiënt 2 3 weken na aanvang met de therapie te beoordelen en daarna iedere 4 6 maanden bijvoorbeeld door het bepalen van leverenzymen en galzuren in serum Het is van belang om te weten dat door effecten van hypoxie etc de concentraties van leverenzymen na een aanval verhoogd zijn Fenobarbital kan de serum activiteit van alkaline fosfatase en transaminases verhogen Dit kan wijzen op niet pathologische veranderingen maar kunnen ook duiden op hepatotoxiciteit Daarom worden in het geval van vermoedelijke hepatotoxiciteit leverfunctietests aanbevolen Verhoogde waarden van leverenzymen vereisen geen verlaging van de dosis van fenobarbital indien de serum galzuren binnen de normale range liggen In gestabiliseerde epileptische patiënten wordt het niet aanbevolen om over te stappen van andere fenobarbitalformuleringen naar Phenoleptil 12 5 of 50 mg tabletten Echter indien dit niet kan worden vermeden is extra voorzichtigheid geboden Dit betekent dat plasmaspiegels vaker moeten worden bepaald om er zeker van te zijn dat therapeutische concentraties worden behouden Het monitoren van een toename van bijwerkingen of leverfunctiestoornis dient vaker te worden uitgevoerd totdat stabilisatie is bevestigd Het stoppen met therapie met fenobarbitalformuleringen dient stapsgewijs te gebeuren om een toename in het aantal aanvallen te voorkomen Voortplanting dracht en lactatie Fenobarbital passeert de placenta en gaat over in de melk van zogende dieren De veiligheid van het diergeneesmidddel is niet bewezen tijdens dracht van honden De dierenarts moet de baten van behandeling afwegen tegen de risico s Specialiteiten met fenobarbital PHENOLEPTIL 12 5 mg hond Le Vet Bijsluiter via FAGG fenobarbital 12 5 mg tablet po Posologie Ca LG startdosis 2 x pd 2 5 mg kg onderhoudsdosis dosis individueel aanpassen tab 10 x 10 50 x 10 R PHENOLEPTIL 50 mg hond Le Vet Bijsluiter via FAGG fenobarbital 50 mg tablet po Posologie Ca startdosis 2 x pd 2 5 mg kg onderhoudsdosis dosis individueel aanpassen tab 10 x 10 50 x 10 R Kaliumbromide Specialiteiten met kaliumbromide Indicaties Een anti epileptisch middel voor gebruik als aanvulling op fenobarbital ter preventie van refractaire epileptische aanvallen bij honden Voor honden met refractaire

    Original URL path: http://www.cbip-vet.be/nl/texts/NELEPOL1AL2a.php (2012-06-12)
    Open archived version from archive

  • Alfa-2-adrenerge antagonisten
    de post synaptische receptoren waardoor de effecten van alfa 2 adrenerge agonisten worden opgeheven Gezien de hoge selectiviteit van deze stof zullen effecten van andere psychotrope stoffen die in combinatie met alfa 2 adrenergica gebruikt worden zichtbaar worden Zo kan de toediening van atipamezol na voorafgaand gebruik van alfa 2 agonisten met ketamine leiden tot het optreden van convulsies te wijten aan ketamine Atipamezol werd ontwikkeld voor het antagoniseren van medetomidine Het dier ontwaakt meestal een tiental minuten na de injectie Bij accidentele overdosering met andere substanties uit dezelfde groep kan een gunstige antidotering bekomen worden Farmacokinetiek Atipamezol wordt uitgescheiden via de nieren en de lever Contra indicaties Atipamezol mag niet gebruikt worden samen met andere stoffen met een activiteit op het centraal zenuwstelsel noch bij dieren met een cardiale aandoening noch bij dieren in een slechte algemene toestand Bijwerkingen De specialiteiten die in de handel zijn mogen enkel im toegediend worden Snelle intraveneuze injectie kan een ernstige hypotensie veroorzaken door een uitgesproken vasodilatatie met tachycardie waarbij gevallen met dodelijke afloop vermeld werden Tevens kan een excitatie optreden Een IM of trage IV injectie geeft meestal een lichte voorbijgaande bloeddrukverlaging Bij antidotering van een alfa 2 agonist gecombineerd met ketamine kan een spierrigiditeit optreden Interacties Gelijktijdig gebruik van atipamezol met andere stoffen dan alfa 2 adrenerge stoffen die een invloed hebben op het centraal of autonoom zenuwstelsel is niet aanbevolen Voorzorgen bij het gebruik Dit product is eveneens werkzaam bij de mens Voortplanting en lactatie De veiligheid van het gebruik bij drachtige of lacterende dieren werd niet onderzocht Atipamezol ALZANE 5 mg ml Laboratorios Syva Bijsluiter via FAGG atipamezolhydrochloride 5 mg ml oplossing voor injectie im Posologie Ca atipamezolhydrochloride in mcg 5 x voorgaande dosis medetomidinehydrochloride of 10 x dosis dexmedetomidinehydrochloride Fe atipamezolhydrochloride in mcg 2 5 x voorgaande dosis medetomidinehydrochloride of 5 x dosis dexmedetomidinehydrochloride fles 1 x 10 ml R ANTISEDAN Orion Corp Bijsluiter via FAGG atipamezolhydrochloride 5 mg ml oplossing voor injectie im Posologie Ca dosis in mcg komt overeen met 5 x toegediende dosis medetomidine 1 mg ml opl of 10 x toegediende dosis dexmedetomidine 0 5 mg ml opl dit komt overeen met eenzelfde volume van de alfa 2 agonist Fe dosis in mcg komt overeen met 2 5 x toegediende dosis medetomidine 1 mg ml opl of 5 x toegediende dosis dexmedetomidine 0 5 mg ml opl dit komt overeen met de helft van het volume van de alfa 2 agonist fles 10 ml R ATIPAM Eurovet Bijsluiter via FAGG atipamezolhydrochloride 5 mg ml oplossing voor injectie im Posologie Ca dosis in mcg komt overeen met 5 x toegediende dosis medetomidine 1 mg ml opl of 10 x toegediende dosis dexmedetomidine 0 5 mg ml opl dit komt overeen met eenzelfde volume van de alfa 2 agonist Fe dosis in mcg komt overeen met 2 5 x toegediende dosis medetomidine 1 mg ml opl of 5 x toegediende dosis dexmedetomidine 0 5 mg ml opl dit komt overeen met de helft van het volume

    Original URL path: http://www.cbip-vet.be/nl/texts/NZSOOOL1FL2o.php (2012-06-12)
    Open archived version from archive

  • Geneesmiddelen voor de huid
    symptomatische behandeling van atopische dermatitis Farmacodynamie Ciclosporine bezit sterke immunomodulerende eigenschappen door de inhibitie van de transcriptie van cytokine genen in geactiveerde T cellen Hierdoor worden de productie en secretie van meerdere cytokines onderdrukt Dit leidt tot verminderde productie differentiatie en activiteit van verschillende cellen die een rol spelen in de immunologische afweer en in allergische reacties mastcellen de cellen van Langerhans eosinofielen en keratinocyten Farmacokinetiek De biologische beschikbaarheid bij de hond is klein en vertoont grote individuele verschillen tussen de dieren onderling Wanneer ciclosporine gegeven wordt buiten de maaltijden neemt de beschikbaarheid toe De metabolisatie gebeurt hoofdzakelijk in de lever door het cytochroom P450 Substanties met invloed op dit CYP450 zullen de plasmaconcentratie van ciclosporine beïnvloeden zie Interacties De eliminatie gebeurt door de faeces en in geringe mate door de nieren De farmacokinetische eigenschappen van ciclosporine bij de hond zijn vergelijkbaar met deze bij de mens De veiligheidsmarge is bij de hond echter groter Contra indicaties Gekende overgevoeligheid voor ciclosporine is mogelijk Wegens het immunodepressief effect kunnen maligne neoplasieën opflakkeren Het gebruik van ciclosporine bij dieren met zulke processen is dan ook te mijden Ernstige lever of nierstoornissen zijn eveneens contra indicaties Het toedienen aan honden jonger dan 6 maand of met een lichaamgewicht lager dan 2 kg wordt niet aanbevolen Vaccinaties worden niet uitgevoerd tijdens de behandeling vaccineren moet gebeuren 2 weken vóór of 2 weken na de behandeling Het gebruik van ciclosporine is niet aangeraden bij honden met diabetes mellitus Bijwerkingen Bij de hond kunnen emesis en diarree optreden Deze bijwerkingen zijn meestal van voorbijgaande aard en komen vaker voor bij kleinere rassen Andere bijwerkingen zijn dosisafhankelijk en treden zelden op bij de therapeutische dosissen Nierinsufficiëntie en hypertensie die bij de mens ook bij lagere dosissen kunnen optreden komen bij de hond niet voor Interacties De plasmaconcentratie van digoxine wordt verhoogd door ciclosporine Ciclosporine kan de nefrotoxiciteit van aminoglycosiden en trimethoprim doen toenemen Enderzijds leiden tal van stoffen tot verlaagde plasmaconcentraties van ciclosporine sulfonamiden trimethoprim rifampicin fenobarbital omeprazol fenytoin anti aritmicum terbinafin antimycoticum probucol cholesterolverlagend Anderzijds zijn er stoffen die leiden tot verhoogde plasmaconcentraties en dus verhoogde toxiciteit van ciclosporine antimycotica azolderivaten zoals bijv ketoconazol fluconazol calciumkanaalblokkers verapamil diltiazem macroliden erythromycine metoclopramide androgenen amiodaron anti aritmicum De gelijktijdige toediening van ciclosporine met glucocorticoïden colchisine lovastatine kan de toxiciteit van één of van beide stoffen verhogen Inhibitie van het P glycoproteïne transporteiwit door ciclosporine leidt tot een gestoorde efflux van macrocyclische lactonen ter hoogte van de bloed hersenbarrière en kan bijgevolg zenuwsymptomen veroorzaken die typisch zijn voor intoxicatie met deze antiparasitica Effectiviteit van vaccins kan beïnvloed worden Voorzorgen bij het gebruik Wegens de immunosuppressieve eigenschappen van deze stof is het vaccineren tijdens de behandeling af te raden en dient men rekening te houden met de mogelijkheid van een snellere groei van maligne processen Vergroting van de lymfeklieren dient gecontroleerd te worden In geval van predispositie dient de nierfunctie gecontroleerd te worden Voortplanting en lactatie Van ciclosporine werd aangetoond dat het bij hogere dosissen 2 tot 5 x de

    Original URL path: http://www.cbip-vet.be/nl/texts/NSKINOL1AL2o.php (2012-06-12)
    Open archived version from archive

  • Geneesmiddelen voor cutaan gebruik
    subglobal8 link subglobal8 link subglobal8 link subglobal8 link subglobal8 link subglobal8 link Repertorium Anti infectieuze middelen Antimicrobiële middelen Antimycotische middelen Antiparasitaire middelen Hormonen Geslachtshormonen voortplantingsstelsel Glucocorticoïden Schildklier Hyperadrenocorticisme Cushing Insuline Antihistaminica Pijn en ontsteking Analgetica en antipyretica Narcotische analgetica NSAID s Glucocorticoïden Antihistaminica Gastro intestinaal stelsel Maagzuursecretie inhibitor Anti emeticum Spasmolytica Obesitas Anti infectieuze geneesmiddelen bij diarree Metabolisme Rehydratantia Glucose Vitaminen mineralen Locomotorisch stelsel Ademhalingsstelsel Cardiovasculair stelsel Hartinsufficiëncie Perifere en cerebrale vasodilatoren Diuretica Beta blokkers Urogenitaal stelsel Centraal en perifeer zenuwstelsel Algemene injecteerbare anaesthetica Inhalatieanaesthetica Euthanasie Lokale anaesthetica Neuroleptica Benzodiazepines Myorelaxerende stoffen Alfa 2 adrenergica Antidepressiva Middelen bij epilepsie Antidoot Geneesmiddelen voor de huid Uitwendig gebruik Cutaan gebruik Gebruik in het oog Gebruik in het oor Intra uterien Intramammair Immunologie Vaccins Rabiësvaccins Antisera en immunoglobines Immunomodulatoren Immunocastratie Antitumorale Middelen Zoek tekst Zoek specialiteit Wachttijden MRL Cascadesysteem Bijsluiters Geneesmiddelen voor cutaan gebruik De in dit hoofdstuk opgenomen geneesmiddelen worden op de huid aangebracht ter genezing en dikwijls ter preventie van oppervlakkige infecties van bacteriële of mycotische oorsprong Preventie van infecties leidt dikwijls tot het ondoordacht gebruik van antimicrobiële stoffen In het algemeen is het gebruik van preparaten die meerdere actieve substanties bevatten niet aangewezen en dikwijls overbodig na een etiologische diagnose Ook dient het risico op allergische reacties tegenover actieve substanties en excipientia aanwezig in de aangewende preparaten te worden onderlijnd Antiseptica voor gebruik op de huid Antiseptica gebruikt als tepeldipper Antibiotica Antimycotica Glucocorticoïden Associaties Cicatriserende stoffen Antiparasitica Geneesmiddelen voor transdermaal gebruik met antiparasitaire substanties actief tegen endoparasieten antiparasitaire substanties actief tegen endo en ectoparasieten Geneesmiddelen voor lokaal gebruik met substanties actief tegen ectoparasieten BCFI project diergeneeskunde skip to page content links on this page site navigation footer site information BCFI vet Inhoud site Het B C F I Contact Inleiding Disclaimer Home Repertorium Folia vet Nieuw Goed om te weten

    Original URL path: http://www.cbip-vet.be/nl/texts/NCUTOOL1AL2o.php (2012-06-12)
    Open archived version from archive

  • Antiseptica voor gebruik op de huid
    afhankelijk van de tijdsduur waarin het desinfectans in contact is geweest met het micro organisme en van de concentratie van het desinfectans Daarnaast speelt de temperatuur een belangrijke rol in de effectiviteit van desinfectantia hoe hoger hoe beter Aanwezigheid van pus necrotisch weefsel bloed faecesresten en straatvuil kunnen de werking van desinfectantia aanzienlijk verminderen Voor een zinvolle toepassing van desinfectantia is het dan ook noodzakelijk dat het te behandelen oppervlak zoveel mogelijk is gereinigd De gevoeligheid van de verschillende soorten micro organismen is voor desinfectantia verschillend Sporevormende bacteriën zijn moeilijk te doden halogeniden en aldehyden bezitten sporicide eigenschappen Ook mycobacteriën zijn veelal resistent tegen desinfectantia Antiseptica voor gebruik op de huid Aluminium wordt als adstringens gebruikt ter bevordering van de heling van wonden zoals bij rotkreupel ecthyma na chirurgische ingrepen of trauma Benzalkoniumchloride en cetrimoniumbromide zijn bactericide quaternaire ammoniumzouten en zijn onverenigbaar met anionische zepen Ze worden als oppervlakkig antisepticum en als detergent gebruikt Het spectrum omvat Gram positieve en in mindere mate Gram negatieve bacteriën Pseudomonas Mycobacteriën schimmels en virussen zijn weinig of niet gevoelig De werking is optimaal in een alkalisch milieu Hun werking wordt negatief beïnvloed door Fe Ca Mg reinigingsmiddelen en organisch materiaal Iodoforen zijn waterige oplossingen van jodium met surfactantfactoren zoals bijvoorbeeld polyvidone zijn actief tegen GRAM en GRAM mycobacterien bacteriële sporen hogere dosis en langere contactduur schimmels en sommige virussen Ze zijn minder toxisch dan de jodiumtincturen en bezitten een langere werking hard water Ca vetten en zetmeel voederresten hebben een negatief effect op de werking van jodoforen Zie ook Andere geneesmiddelen voor cutaan gebruik ALUSPRAY Vétoquinol Bijsluiter via FAGG aluminium poeder 3 g suspensie voor cutaan gebruik Posologie Eq Ru Su Ca Fe pluimvee 1 à 2 x verstuiven Wachttijd 0 d spray 220 ml MALASEB shampoo Dechra Veterinary Products BV Bijsluiter via

    Original URL path: http://www.cbip-vet.be/nl/texts/NCUTOOL1AL2a.php (2012-06-12)
    Open archived version from archive

  • Antiseptica gebruikt als tepeldipmiddel
    spenen wordt aangeraden om de behandeling te onderbreken totdat de spenen hersteld zijn Interacties Geen bekend Uit voorzorg wordt aangeraden het product niet te mengen met andere diergeneesmiddelen Voorzorgen bij gebruik Jodium is irriterend voor de ogen en kan bij gevoelige personen allergische reacties veroorzaken Voortplanting en lactatie Kan gebruikt worden bij vee tijdens de lactatie en dracht Jodium BLOCKADE 0 25 w w DeLaval Bijsluiter via FAGG jodium 2 5 mg g oplossing voor speendip Posologie melkvee 5 ml dier behandeling Vlees 0 d Melk 0 h vat 10 l 20 l 60 l 200 l BOVIDIP 2 w v DeLaval Bijsluiter via FAGG jodium 20 mg ml concentr 5 mg ml gebruiksklare opl oplossing voor speendip of spray Posologie melkvee 5 ml verdunde opl dier behandeling Vlees 0 d Melk 0 h vat 5 l 20 l DIPAL Conc 0 75 w w DeLaval Bijsluiter via FAGG jodium 7 5 mg g concentr 1 5 mg g gebruiksklare opl oplossing voor speendip of spray Posologie melkvee 5 ml verdunde opl dier behandeling Vlees 0 d Melk 0 h vat 5 l KENOSTART CID LINES Bijsluiter via HMA jodium 3 mg g oplossing voor speendip Posologie Bo dip elke speen na het melken Vlees en slachtafval 0 d Melk 0 d fles 10 l 20 l of 60 l vat 200 l KENOSTART spray dip CID LINES Bijsluiter via HMA jodium 3 mg g oplossing voor speendip Posologie Bo dip of spray elke speen na het melken Vlees en slachtafval 0 d Melk 0 d fles 10 l 20 l of 60 l vat 200 l PROACTIVE 0 15 w w DeLaval Bijsluiter via FAGG jodium 1 5 mg g oplossing voor speendip of spray Posologie melkvee 5 ml dier behandeling Vlees 0 d Melk 0 h vat 10 l 20 l 60 l 200 l PROACTIVE PLUS 0 15 w w DeLaval Bijsluiter via FAGG jodium 1 5 mg g oplossing voor speendip of spray Posologie melkvee 5 ml dier behandeling Vlees 0 d Melk 0 h vat 20 60 en 200 l Chloriet melkzuur Indicaties Een tepeldip voor na het melken als hulpmiddel voor het onder controle houden van mastitis bij melkkoeien veroorzaakt door pathogenen zoals Staphylococcus aureus Streptococcus agalactiae Streptococcus dysgalactiae Streptococcus uberis of Escherichia coli Farmacodynamie Actieve bestanddelen zijn melkzuur en chloriet Na het bereiden van de tepeldip en het samenbrengen van chloriet en melkzuur ontstaat door het aanwezige melkzuur chlorig zuur Chlorig zuur bezit een breed spectrum bactericide activiteit waarschijnlijk door een oxyderende werking De adsorptie van melkzuur aan celoppervlakken van de kiem veroorzaakt lekkage van waterstofionen over het celmembraan met als gevolg verzuring van de inwendige cel en remming van het vervoer van nutriënten Deze tepeldip vormt een film op de huid van de tepels waardoor deze beschermd wordt tegen verdere verontreiniging Het melkzuur dat resteert na de chemische reactie wordt in deze film vastgehouden Contra indicaties Niet gebruiken bij getraumatiseerde of ontstoken tepels Voorzorgen voor het gebruik Risico voor de mens Laat

    Original URL path: http://www.cbip-vet.be/nl/texts/NCUTOOL1AL2g.php (2012-06-12)
    Open archived version from archive

  • Geneesmiddelen voor cutaan gebruik: Antibiotica
    bij epilepsie Antidoot Geneesmiddelen voor de huid Uitwendig gebruik Cutaan gebruik Gebruik in het oog Gebruik in het oor Intra uterien Intramammair Immunologie Vaccins Rabiësvaccins Antisera en immunoglobines Immunomodulatoren Immunocastratie Antitumorale Middelen Zoek tekst Zoek specialiteit Wachttijden MRL Cascadesysteem Bijsluiters Geneesmiddelen voor cutaan gebruik Antibiotica Zie ook Andere geneesmiddelen voor cutaan gebruik Antimicrobiële middelen voor systemisch gebruik Dermatologische preparaten met een antibioticum bestaan enkel als tetracycline sprays Ze worden voornamelijk gebruikt in de chirurgie ter ontsmetting van operatiewonden Deze sprays bezitten een beperkte werkzaamheid bij ernstige huidinfecties Aangezien bij lokale applicatie de dosering moeilijk te bepalen is kunnen deze sprays een verhoogd risico op het ontstaan van resistentie inhouden Antiseptica bieden een goed alternatief voor het lokaal gebruik van antibiotica ter hoogte van de huid Wanneer een behandeling met antiseptica echter niet voldoende is dient de voorkeur te worden gegeven aan een systemisch gebruik van antibiotica CHLORTETRA spray OR B Consulting Bijsluiter via FAGG chloortetracyclinehydrochloride 5 000 000 IE spray voor cutaan gebruik open wonden Posologie alle zoogdieren 3 x pd Vlees 10 d Melk 7 melkbeurten spray 200 ml R CYCLOSPRAY Eurovet Bijsluiter via HMA chloortetracyclinehydrochloride min 2 84 g spuitbus van 200 ml en min 5 68 g spuitbus van 400 ml spray voor cutaan gebruik Posologie Bo Ov big wonden 1 x Bo Ov klauw hoef 1 3 d Vlees 0 d Melk 0 d spray 200 ml 400 ml R ENGEMYCIN spray Intervet Bijsluiter via FAGG oxytetracycline hydrochloride 5 g spray voor cutaan gebruik Posologie Bo Su Ov spray 1 2 sec tot opp een egale kleur heeft 2 x pd 1 3 d Vlees Bo Su Ov 0 d Melk Bo Ov 0 d Bij Su gekleurd deel van huid verwijderen fles 1 x 200 ml R NIXAL spray ex DUPHACYCLINE spray Norbrook Lab oxytetracyclinehydrochloride

    Original URL path: http://www.cbip-vet.be/nl/texts/NCUTOOL1AL2b.php (2012-06-12)
    Open archived version from archive



  •